Over ons

Hoe jij ook dít jaar een offer kan brengen voor ‘ied al-adhaa

Webp.net-compress-image (1)

Er zijn dit jaar veel zorgen omtrent het offer in het kader van ‘ied al-adhaa. Dit heeft onder andere te maken met berichten van boeren en tussenpersonen die betrokken zijn bij de slacht. Deze stellen dat het moeilijk is om lammeren te vinden die minimaal zes maanden oud zijn, wat een voorwaarde is in het islamitische recht. In dit artikel bespreek ik de (religieuze) achtergrond van dit probleem en mogelijke oplossingen.

Het belang van het offer

Om te beginnen, wil ik benadrukken en de lezer herinneren aan het feit dat het offer van ‘ied al-adhaa een enorm verheven en belangrijke aanbidding is. In de Koran en de sunnah wordt veel nadruk gelegd op het offer en wordt de verdienste ervan beschreven.

Allah zegt in de Koran:

وَمَن يُعَظِّمْ شَعَائِرَ اللَّهِ فَإِنَّهَا مِن تَقْوَى الْقُلُوبِ
En wie de zichtbare rituelen van Allah eert; dat behoort zeker tot het godsbewustzijn van het hart.[1]

‘Zichtbare rituelen’ (sha’aa`ir) verwijst naar alle publieke manifestaties van het geloof en één van de grootste zichtbare rituelen is het offer tijdens ‘ied al-adhaa.[2]

Ook maakt Allah duidelijk dat het offer een teken van dankbaarheid is voor de gunsten die Hij ons gaf, waaronder het vee. Tevens is het brengen van een offer een teken van onderwerping en nederigheid ten opzichte van Hem. Allah zegt:

وَلِكُلِّ أُمَّةٍ جَعَلْنَا مَنسَكًا لِّيَذْكُرُوا اسْمَ اللَّهِ عَلَىٰ مَا رَزَقَهُم مِّن بَهِيمَةِ الْأَنْعَامِ ۗ فَإِلَٰهُكُمْ إِلَٰهٌ وَاحِدٌ فَلَهُ أَسْلِمُوا ۗ وَبَشِّرِ الْمُخْبِتِينَ

En voor iedere gemeenschap hebben Wij een offer vastgesteld, zodat zij de Naam van Allah uitspreken over het vee waarmee Wij hen hebben voorzien. En jullie God is één God, onderwerp jullie dus aan Hem. En verheug degenen die nederig zijn.[3]

Anders dan sommigen doen lijken, draait het offer niet om het vlees. Het offer symboliseert het godsbewustzijn dat het hart van de moslim draagt. Allah zegt:

لَن يَنَالَ اللَّهَ لُحُومُهَا وَلَا دِمَاؤُهَا وَلَٰكِن يَنَالُهُ التَّقْوَىٰ مِنكُمْ ۚ كَذَٰلِكَ سَخَّرَهَا لَكُمْ لِتُكَبِّرُوا اللَّهَ عَلَىٰ مَا هَدَاكُمْ ۗ وَبَشِّرِ الْمُحْسِنِينَ

Hun vlees en hun bloed bereikt Allah niet, maar het is jullie godsbewustzijn (taqwaa) dat Hem bereikt. Zo heeft Hij hen (het vee) dienstbaar gemaakt voor jullie, zodat jullie de grootsheid van Allah prijzen vanwege datgene waartoe Hij jullie geleid heeft. En verheug de weldoeners.[4]

Tot slot combineert Allah in de Koran regelmatig het offer met het gebed en dat laat zien dat het van hoge status is. Allah zegt:

قُلْ إِنَّ صَلَاتِي وَنُسُكِي وَمَحْيَايَ وَمَمَاتِي لِلَّهِ رَبِّ الْعَالَمِينَ

Zeg: ‘’Mijn gebed, mijn offer, mijn leven en mijn dood zijn voor Allah, de Heer van de werelden’’.[5]

En ook:

فَصَلِّ لِرَبِّكَ وَانْحَرْ

Verricht dus het gebed voor jouw Heer en offer.[6]

Ook in de sunnah wordt het offer van ‘ied al-adhaa benadrukt en gestimuleerd. Zo is overgeleverd dat de Profeet, sallallaahu ‘alayhi wa sallam, zei: ‘’Wie het breed heeft en niet offert, moet niet in de buurt komen van onze gebedsplaats.’’[7]

En er is overgeleverd dat hij zei: ‘’Een persoon verricht op de dag van het offer geen daad die geliefder is bij Allah, dan het laten vloeien van het bloed [van het offerdier].’’[8]

Het oordeel van het offer

De meerderheid van de geleerden oordeelt dat het offeren van een offerdier (al-udhiyah) met ‘ied al-adhaa sterk aanbevolen is, voor degene die daartoe in staat is. Een andere groep geleerden, waaronder de Hanafies, beschouwen het zelfs als een verplichting.[9] Hoe dan ook, het is minimaal een zeer sterk aanbevolen sunnah en een publieke manifestatie van de Islam. Elke moslim die het zich kan veroorloven, zou er alles aan moeten doen om dit ritueel in praktijk te brengen, al betekent dit dat je je er maanden van tevoren op voorbereidt en hiervoor (vakantie)geld opzij legt.

Voorwaarden waar het offerdier aan moet voldoen

De sharie’ah stelt voorwaarden aan het offer. Bepaalde voorwaarden hebben betrekking op degene die offert, andere gaan over het tijdstip waarop geofferd wordt en weer andere hebben betrekking op het offerdier. Op dat laatste wil ik dieper ingaan.

De voornaamste voorwaarden waar het offerdier aan moet voldoen, zijn de volgende:

1. De enige diersoorten die geofferd kunnen worden met ‘ied al-adhaa zijn kamelen, runderen, geiten en schapen. Andere diersoorten volstaan niet als offerdier (udhiyah). Hierover is consensus onder de geleerden.[10]

2. Het offerdier mag geen ernstige afwijkingen hebben, zoals dat het zichtbaar blind of mank is. Over dit uitgangspunt is overeenstemming onder de geleerden.[11] Zij verschillen alleen van mening over bepaalde details hieromtrent.[12]

3. Tot slot moet het offerdier voldoen aan de leeftijdseis. Een kameel moet minimaal vijf jaar oud zijn, een rund minimaal twee jaar, een geit minimaal een jaar en een lam van een schaap minimaal zes maanden.[13]

De uitdaging in de praktijk

Er zijn, zoals eerder gezegd, veel zorgen over het offeren dit jaar. De grootste zorg heeft te maken met de leeftijd van het offerdier. Het lammerseizoen vindt plaats in het voorjaar, ongeveer tussen februari en april. Doordat ‘ied al-adhaa elk jaar een aantal dagen vroeger uitvalt, hebben we nu het punt bereikt dat de lammeren op het moment van het offerfeest vaak nog niet de leeftijd van zes maanden hebben bereikt. Veel moskeeën, die gewoonlijk offerdieren bestellen voor hun gemeenschap, en andere leveranciers geven aan geen of onvoldoende lammeren gevonden te hebben die aan de leeftijdseis voldoen. Om deze reden hebben veel moskeeën en leveranciers het offerdierproject voor dit jaar geannuleerd.

Een bijkomend probleem is dat, vanwege coronamaatregelen, veel slachthuizen dit jaar niet open zijn tijdens het offerfeest of met een sterk verminderde productie.[14] Degene die dus het geluk heeft voldoende offerdieren gevonden te hebben, ondervindt moeite bij het vinden van een slachthuis dat zijn offerdieren wil en kan slachten.

Oplossingen en advies

Omdat veel mensen vragen wat te doen in deze situatie, heb ik het volgende advies uiteengezet.

1. Het eerste wat ik eenieder adviseer, is je uiterste best te doen om een lam te vinden dat minimaal zes maanden oud is. Dat ze niet in overvloed zijn, wil niet zeggen dat ze er helemaal niet zijn. De reden dat ik dit artikel begon over het belang van het offeren, is dat ik wil benadrukken dat deze stap niet gemakzuchtig overgeslagen mag worden.

Het is sterk aanbevolen zo dicht mogelijk bij het offeren betrokken te zijn, omdat het een aanbidding is. En een aanbidding zelf op je nemen is beter dan het uitbesteden hiervan aan iemand anders.[15] Wie dus de mogelijkheid heeft om het lam eigenhandig te offeren, zou dit moeten doen. Wie dit niet kan maar wel aanwezig kan zijn tijdens de slacht, zou dit moeten doen. En het minimale wat je dient te doen, is het in ontvangst nemen van je offerdier en deze eigenhandig verdelen. Hierbij houd je een deel voor eigen consumptie, schenk je een deel aan buren en/of naasten en doneer je een deel aan behoeftigen. Allah zegt:

فَكُلُوا مِنْهَا وَأَطْعِمُوا الْقَانِعَ وَالْمُعْتَرَّ

Eet er dus van en voed de bedelende en de niet-bedelende behoeftige[16].[17]

2. Als het, na goed zoeken, niet gelukt is om een lam te vinden van minimaal zes maanden oud, raad ik aan om met zijn zevenen een rund te offeren. Het is namelijk mogelijk om in totaal met zeven mensen, of minder, te delen in het offer van een rund of kameel.

Djaabir ibn ‘Abdillah zei: ‘’Wij offerden met de Boodschapper van Allah, sallallaahu ‘alayhi wa sallam, in het jaar van al-Hudaybiyah, waarbij een kameel werd gedeeld door zeven mensen en een rund ook werd gedeeld onder zeven mensen.’’ En in een andere versie: ‘’…de Boodschapper van Allah, sallallaahu ‘alayhi wa sallam, beval ons om gezamenlijk een kameel of rund te offeren, met zijn zevenen één kameel (of rund).’’[18]

En ‘met zijn zevenen’ bedoelen we zeven huishoudens. Dus dat zeven vrienden of collega’s elk 1/7 van de prijs betaalt en zij het vlees onder hen verdelen. Eenieder geeft vervolgens zelf een deel van zijn vlees als sadaqah aan behoeftigen en eventueel aan naasten of familieleden.

3. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan adviseer ik om namens jou een offer te laten brengen in het buitenland. Hierbij geef jij de opdracht en het geldbedrag aan iemand die je vertrouwt om in een ander land namens jou een offerdier aan te schaffen en deze te offeren. Iemand anders het offer laten brengen namens jou is toegestaan met consensus van de geleerden.[19]

Let op: een veelgemaakte fout is het door elkaar halen van enerzijds het uitbesteden van het verrichten van het offer en anderzijds het geven van een sadaqah met de geldwaarde van het offer. Dit zijn twee totaal verschillende zaken.

Het uitbesteden of machtigen van iemand, zoals een familielid, kennis of een liefdadigheidsinstelling, houdt in dat jij hun de opdracht geeft om namens jou een offer te brengen in het buitenland. Diegene treedt dan op als jouw vertegenwoordiger en offert in jouw plaats het offerdier. In dit geval heb jij de sunnah van het offeren verricht en komt jou, inshaa` Allah, de beloning van een offer toe. Dit is echter niet het geval wanneer je in plaats van een offer een sadaqah geeft. Hierbij doneer jij namelijk de geldwaarde van een offer, bijvoorbeeld €250, aan behoeftige mensen of een liefdadigheidsinstelling, waarmee voedsel, kleding of andere benodigdheden worden gekocht. Dit is natuurlijk een goede daad, maar volstaat niet als offer. Deze persoon heeft de sunnah van het offeren niet vervuld. En de beloning van het offeren is, volgens alle wetscholen, groter dan de beloning van een sadaqah met de geldwaarde van een offerdier.[20]

Deze derde en laatste mogelijkheid is praktisch voor iedereen uitvoerbaar. Er zijn veel liefdadigheidsinstellingen die de dienst aanbieden om in opdracht van jou een offerdier te laten slachten in een behoeftig land. Het vlees wordt dan verdeeld onder de behoeftigen aldaar.

Er is islamitisch niets op tegen om een offerdier in het buitenland te laten offeren, als dit in je eigen regio niet mogelijk is. Zoals ik eerder al zei, verdient het de sterke voorkeur om het offerdier zelf te slachten of te laten slachten in jouw aanwezigheid. Nu die optie er echter voor veel mensen niet is, is het offeren in het buitenland een goed (en het enige) alternatief.

Conclusie

Kortom, niemand die in staat is om een offer te brengen, hoeft dat dit jaar over te slaan. Mocht het niet lukken een lam te vinden dat voldoet aan de leeftijdseis, is het toch mogelijk om op alternatieve manieren die de sharie’ah biedt een offer te brengen. En als je kiest voor het buitenland, denk er dan aan een werkelijk offer te brengen om deze publieke manifestatie van de Islam in stand te houden. Een willekeurige sadaqah kan immers op elk moment van het jaar en dient niet het offer te vervangen.


[1] Soerah al-Hadj, vers 32

[2] Madjmoe’ al-Fataawaa, Ibn Taymiyyah (overl. 728 h.)

[3] Soerah al-Hadj, vers 34

[4] Soerah al-Hadj, vers 37

[5] Soerah al-An’aam, vers 162

[6] Soerah al-Kawthar, vers 2

[7] Ibn Maadjah en Ahmad, overgeleverd door Aboe Hurayrah.

[8] At-Tirmidhie en Ibn Maadjah, overgeleverd door ‘Aa`ishah. Zowel deze hadieth als de vorige zijn van betwistbare authenticiteit.

[9] Al-Mawsoe’ah al-fiqhiyyah

[10]At-Tamhied, Ibn ‘Abdilbarr (overl. 463 h.); Al-Mawsoe’ah al-fiqhiyyah

[11] Maraatib al-Idjmaa’, Ibn Hazm (overl. 456 h.); At-Tamhied, Ibn ‘Abdilbarr (overl. 463 h.); Al-Mughnie, Ibn Qudamaah (overl. 620 h.)

[12] Al-Mughnie, Ibn Qudamaah (overl. 620 h.); Al-Mawsoe’ah al-fiqhiyyah

[13] Al-Mughnie, Ibn Qudamaah (overl. 620 h.)

[14] Betrokkenen zeggen hierover dat de oorzaak is dat veel slachthuizen de 1,5 meterregel niet kunnen handhaven in het slachthuis. Ook zouden veel slachthuizen nog steeds geen duidelijkheid hebben gekregen van het NVWA over of ze überhaupt open mógen zijn tijdens het offerfeest. Deze berichten heb ik echter niet geverifieerd.

[15] Al-Fiqh al-Islaamie wa adllatuhu, dr. Wahbah az-Zuhaylie

[16] In het vers worden de woorden al-qaani’ en al-mu’tarr gebruikt. Deze woorden zijn op een aantal manieren uitgelegd. Een bekende uitleg is dat het verwijst naar de bedelende en niet-bedelende behoeftige. Een andere uitleg is dat het ene verwijst naar de behoeftige die rondgaat en mensen vraagt en het andere naar gasten die op bezoek komen. Zie Tafsier Ibn Kathier.

[17] Soerah al-Hadj, vers 36

[18] Sahieh Muslim

[19] Al-Mawsoe’ah al-fiqhiyyah

[20] Fiqhu al-at’imati wa al-ashribah, ‘Alawie as-Saqqaaf

Ook interessant!